Darmflora

Probioticum L. rhamnosus zwakt immuun- en gedragsstoornissen af

Share Button
BMC Medicine meldt dat orale inname van de probioticastam Lactobacillus rhamnosus immuun- en gedragsstoornissen afzwakt. Het is een interessant gegeven; de stoornissen die het gevolg waren van chronische sociale stress namen sterk af door dit probioticum, en de sociale interactie verbeterde. In dit artikel vind je informatie over het onderzoek en een overzicht van de andere bewezen voordelen van deze probiotica stam!

Probiotica tegen immuun- en gedragsstoornissen

Verband tussen immuniteit, microbioom darmen en neurale functie

Inname van Lactobacillus rhamnosus vermindert gedrags- en immuunstoornissen in tijden van chronische stress. Bij stress gerelateerde stoornissen zijn systemische veranderingen betrokken, waaronder de verstoring van het microbioom in de darmen, de darmflora. Gezien de duidelijke verbanden tussen het microbioom, immuniteit, de neurale functie en het gedrag onderzocht een team het effect van de probioticastam. Gekeken werd naar de uitwerking van de stam op de brein-tot-darm signalering en de manier waarop de stam dit moduleert. Het onderzoek is gepubliceerd in BMC Medicine.

Afname van angstig en gespannen gedrag

Muizen kregen 28 dagen Lactobacillus rhamnosus en werden blootgesteld aan chronische sociale stress. Tegelijkertijd werd gekeken naar veranderingen in gedrag en immuuncel fenotype, en werden de fecale micro-organismen samen met het metabolietenprofiel geanalyseerd.

Betere sociale interactie

De muizen die met de probioticastam behandeld waren lieten een afname van gespannen en angstig gedrag zien, een type gedrag dat was opgewekt door blootstelling aan chronische sociale stress. Hiermee namen ook de gebreken in de sociale interactie met soortgenoten af.

Sociale stress en het darm microbioom

De behandeling zwakte de stress gerelateerde activatie van dendritische cellen af, terwijl tegelijkertijd de IL-10+ regulatie T cellen toenamen. Ook moduleerde het supplement de effecten van stress op fecale metabolieten met neuro actieve en immuun modulerende eigenschappen. Blootstelling aan sociale verslagenheid veranderde de samenstelling van het darm microbioom en zorgde voor een afname van diversiteit in bacteriesoorten. Overigens: dit verlies van diversiteit in de darmflora werd niet voorkomen door Lactobacillus rhamnosus: de stress gerelateerde verstoringen in de darmflora bleven na de 3 weekse behandeling aanhouden.

L. rhamnosus beschermt tegen nerveus stressgedrag

Hoewel dit onderzoek op een klein groepje muizen werd uitgevoerd, trekken de onderzoekers de conclusie dat blootstelling aan één bacteriestam kan beschermen tegen stress gerelateerde gedragingen en systemische veranderingen van het immuunsysteem, zonder dat disbiose voorkomen wordt. Dit werk ondersteunt op de darmflora gebaseerde interventies bij stress stoornissen.

Karakteristieken van Lactobacillus rhamnosus

Lactobacillus rhamnosus werd ooit geïsoleerd uit fecale monsters van gezonde volwassen en geïdentificeerd als een krachtige probiotica streng vanwege de weerstand tegen zuur en gal, goede groeikarakteristieken en de goede grip die de streng heeft op de epitheliale laag van de darmen. 1 2  De streng is bij pasgeborenen goed vertegenwoordigd. 3  L. rhamnosus hecht goed aan het darmslijmvlies 4 en blijft prima consistent in de darmen. 5


Eerdere artikelen over de uitwerking van L. rhamnosus

In de afgelopen periode is er veel op deze blog gepubliceerd vanuit onderzoeken over probiotica, en ook over Lactobacillus rhamnosus. De uitkomsten in een overzicht:

Wat betekent L. Rhamnosus bij:

Angstklachten en stemming: Dringt angst terug I , doordat het de GABA receptoren in de hersenen verandert II, en verbetert de stemming III

Darmklachten: vermindert een opgezette buik IV , draagt bij aan het herstel van een lekkende darm V en verbetert –samen met 3 andere strengen- de symptomen van PDS en SIBO VI

Gewicht en lichaamsvet: voor verlies van buikvet VII, gewichtsverlies VIII en vetmassa IX

Lever: reinigt X en draagt bij aan een gezonde vitale lever XI

Nachtrust: zorgt voor een betere kwaliteit van slaap XII


Wat doet Lactobacillus rhamnosus nog meer?

Het probioticum zorgt in menselijke cellen voor downregulatie van receptoren die een rol spelen bij allergieën (FCER1A en histaminereceptor HRH4). Proteïnen met een ontstekingsbevorderend effect, zoals interleukine8 (IL-8) worden onderdrukt, terwijl er upregulatie van de codering van ontstekingsremmende proteïnen, zoals interleukine-10 (IL-10) plaatsvindt. 6


De streng bevordert de overleving van de epitheliale cellen in de darmen en kan dus ingezet worden bij een lekkende darm. Dit geldt trouwens ook voor L. acidophilus en L. casei, maar rhamnosus is hierin het krachtigst. 7


L. rhamnosus bevordert de darmgezondheid op vele manieren, ook tegen darmkanker. 8 9 10 11  12 13


Heeft een gunstig effect op ontsteking door colitis. 14


Beschermt tegen een verscheidenheid aan pathogenen, onder andere tegen Salmonella enterica. 15 16 17 (Bescherming tegen pathogenen gebeurt niet uitsluitend door L. rhamnosus, ook de andere lactobacilli hebben deze functie. 18 19 20  )


 Rhamnosus en gefermenteerde melk verminderen de kans op infecties van de ademhalingswegen, ook bij jonge kinderen en zuigelingen. 21 22 23 

Waarom gebruiken onderzoekers ratten of muizen?

In het onderzoek in BMC Medicine is gebruik gemaakt van muizen. De genetische, biologische en gedragskarakteristieken van ratten en muizen komen sterk overeen met die van mensen. Veel symptomen van menselijke aandoeningen kunnen gerepliceerd worden bij de knaagdieren. Jenny Haliski van National Institutes of Health zegt: “Ratten en muizen zijn zoogdieren die veel processen delen met mensen en geschikt zijn om antwoorden op veel onderzoek kwesties te vinden.”

Sinds de laatste 2 decennia zijn deze overeenkomsten sterker geworden. Wetenschappers kunnen nu genetisch gemodificeerde muizen en ratten fokken die ze ‘transgene muizen’ noemen. Deze transgene muizen dragen genen die hetzelfde zijn als de genen die menselijke ziekten veroorzaken. Geselecteerde genen kunnen afgezet worden of inactief gemaakt worden, en dit creëert ‘knockout muizen.’ De knockout muizen kunnen gebruikt worden om de effecten van kanker veroorzakende chemicaliën (carcinogenen) te evalueren. Een paar voorbeelden van menselijke aandoeningen en ziekten waarbij muizen en ratten als model gebruikt worden zijn: hoge bloeddruk, diabetes, obesitas, toevallen, staar, ademhalingsproblemen, doofheid, Parkinson, Alzheimer, cystic fibrose, kanker, HIV en AIDS, hartkwalen, spieratrofie en aandoeningen van de ruggengraat. Haliski: “Het gebruik van dieren in onderzoek is cruciaal voor het wetenschappelijk begrip van biomedische systemen die tot nuttige medicijnen, behandelingen en genezing leidt.”

De muis en de mens zijn genetisch voor het grootste deel hetzelfde. Beide hebben 30.000 genen, die voor het grootste deel van elkaar zijn afgeleid. Slechts in één procent van de genen verschillen muis en mens.

Het internationale Mouse Genome Sequencing Project, waaraan meer dan 200 wetenschappers een bijdrage leverden, publiceert vandaag in het Britse wetenschappelijke tijdschrift Nature een genetisch overzicht van de laboratoriummuis. Een jaar na de publicatie van het menselijk genoom staat nu ook de volgorde van de erfelijke code van de muis in grote lijnen vast.

De gedetailleerde kennis over de genen van de muis en hun plaats op de 20 muizenchromosomen maakt de muis als proefdier veel belangrijker. Bijna alle 30.000 genen die bij de mens zijn gevonden heeft de muis ook. De kennis van het muizengenoom maakt het makkelijker om het in 2001 ontcijferde menselijke genoom te interpreteren. Van lang niet alle genen van de mens is de functie bekend. Tot dusver heeft de vergelijking al 1200 nieuwe menselijke genen opgeleverd. De gedetailleerde kennis over de genen van de muis en grote genetische gelijkenis met de mens maken het ook mogelijk de genetische achtergrond van ziekteprocessen van de mens in de muis beter te bestuderen.

Mens en muis stammen af van een voorouderzoogdier dat naar schatting 75 miljoen jaar geleden leefde. Sinds die tijd zijn mens en muis hun eigen weg gegaan in de evolutie. De genen die zij van hun gemeenschappelijke voorouder erfden, zijn in beide soorten verschillend uitgewaaierd en hebben een eigen betekenis gekregen. Zo heeft in de muis een grote uitbreiding plaatsgevonden van het aantal genen dat betrokken is bij de reukzin. Ook verschillen muis en mens belangrijk in de genen die het afweersysteem en de voortplanting samenstellen.

Niettemin vertoont de genensamenstelling nog steeds een grote overeenkomst. De mens blijkt bijvoorbeeld nog steeds het genenrepertoire te bezitten dat nodig is voor de aanleg van een staart. Dat mens er toch heel anders uitziet dan een muis komt voornamelijk voort uit een verschillende invloed van ‘regelgenen’, genen die de activiteit van andere genen bepalen. (bron)


Share Button

Blijf op de hoogte van het laatste gezondheidsnieuws

Voer je e-mailadres in, en ontvang bericht in je mailbox als er een nieuw artikel is!

Volg Goed Gezond op sociale media

Kijk op Facebook pagina voor meer tips en nieuws (vergeet niet op 'vind ik leuk' te klikken :-)

We gebruiken cookies om content en advertenties te personaliseren, om functies voor social media te bieden en om ons websiteverkeer te analyseren. Via de cookies wordt informatie over uw gebruik van onze site gedeeld met partners voor social media, adverteren en analyse. Deze partners kunnen deze gegevens combineren met andere informatie die u aan ze heeft verstrekt of die ze hebben verzameld op basis van uw gebruik van hun services.